Het begin is er

Zoals hoort bij grote projecten duurt het allemaal wat langer dan gedacht maar het eerste ontwerp voor de website is er nu – hieronder de ‘kop’:

spanjestrijders website

Eric de Ruyter van het IISG verwacht dat er half februari een eerste versie is – die dan beperkt openbaar is. Iedereen die op welke manier ook heeft bijgedragen aan het project krijgt een paswoord waarmee de resultaten bekeken kunnen worden – en eventueel gecorrigeerd en aangevuld. Dat zijn tot nu toe een tachtigtal beknopte levensbeschrijvingen en fotoportretjes van Spanjegangers.

De officiële lancering van het project zal plaatsvinden in combinatie met de 80-jarige herdenking van het begin van de Spaanse Burgeroorlog. De stichting Spanje3639 ( zie: http://spanje3639.org) organiseert rond die herdenking activiteiten in de maanden juni en juli 2016. Vanaf dat moment is de site voor iedereen toegankelijk. We hopen dan nog een flink aantal levensverhalen meer opgeschreven te hebben. Ook nieuw fotomateriaal blijft nog steeds binnenkomen. Ook na de zomer van dit jaar blijft de site open – in die zin dat nieuwe gegevens steeds toegevoegd kunnen worden.

Gezocht

Wij ontvingen deze prachtige foto – waarschijnlijk uit 1938, van de “De Zeven Provincien”.

De man in het midden is Leen Triep,

maar wie zijn de andere twee?

Leen Triep_DeZevenProvincien

Stand van zaken, september 2015

Het platform Spanjestrijders en de 80-jarige herdenking van het begin van de Spaanse Burgeroorlog

Na overleg met het IISG is besloten de ‘officiële’ lancering van het project te doen plaatsvinden eind mei 2016. In juli 2016 herdenken we het begin van de Spaanse Burgeroorlog, dan tachtig jaar geleden.

In samenwerking met de stichting Spanje ’36-’39 gaan we zien wat de mogelijkheden zijn om rond deze gebeurtenis – en rond het project – de maximale publiciteit te genereren.

Het IISG rondt tegen het eind van dit jaar de werkzaamheden aan de website af – daarna behouden we de mogelijkheid om gegevens via inlogcodes steeds toe te voegen.

MAAR: vanaf dat moment, eind 2015, is er ook een ‘beperkte toegankelijkheid’. Dat wil zeggen dat voor al diegenen die op welke manier dan ook hebben meegewerkt aan het project, voor familieleden van de Spanjestrijders en voor de mensen die een bijdrage hebben geleverd aan de crowdfunding van het project de mogelijkheid bestaat om met een wachtwoord toegang te krijgen tot de gegevens. Wij hopen dan van jullie commentaar, aanvullingen en correcties te krijgen.

De aanvoer van basisgegevens gaat gestaag door en ondertussen beschikken we nu over een stuk of zestig korte levensbeschrijvingen. We hopen er tegen de tijd van de officiële lancering van het project minstens honderd bij te hebben.

Een belangrijke bron van informatie blijft het Nationaal Archief en daar komen steeds nieuwe dossiers ter beschikking. Zo zijn pas onlangs enkele archieven van de Binnenlandse Veiligheidsdienst toegankelijk geworden en die leveren veel informatie op, met name over het herkrijgen van de Nederlandse nationaliteit door de oud-Spanjestrijders. Helaas blijken die gegevens echter ook niet altijd betrouwbaar te zijn: zo kregen we een lijst onder ogen opgesteld door de Amsterdamse politie in 1950 met een dertigtal voor ons nieuwe namen van Spanjestrijders. We dachten al dat we het tot nu toe door ons genoemde getal van 700 namen flink moesten bijstellen maar verbaasden ons er ook over dat we die namen in geen van de andere bronnen waren tegengekomen. De eerste waarvan we in het Amsterdamse bevolkingsregister verdere gegevens vonden, bleek geen oud-Spanjestrijder te zijn maar iemand die in het Vreemdelingenlegioen had gezeten en daardoor zijn paspoort was kwijt geraakt. Het blijft dus zaak om de gegevens steeds weer te controleren en niet van een enkele bron uit te gaan.

 

 

Stand van zaken, augustus 2015

Een klein jaar geleden begonnen we de succesvol verlopen crowdfunding voor dit project. We hadden toen nog nauwelijks een idee waar we aan begonnen. We wisten uit verschillende schattingen in de literatuur dat tussen de 600 en 900 Nederlanders naar Spanje waren gegaan tijdens de Spaanse Burgeroorlog. Alleen de historicus Ger Harmsen maakte een schatting ver daarboven. Inmiddels weten we dat de meest gebruikelijke schatting – rond de 800 mensen – ook de meest waarschijnlijke is.

Iets te optimistisch dachten we deze zomer al online te gaan maar het werk bleek zoals te doen gebruikelijk veel meer te zijn dan aanvankelijk gedacht. We zijn met een groepje van vier mensen begonnen en daar hebben zich in de loop van dit jaar gelukkig een aantal vrijwilligers bij gevoegd die fantastisch werk hebben verricht.

Er ligt nu een lijst van 700 namen – van ongeveer 650 kunnen we met honderd procent zekerheid zeggen dat ze in Spanje zijn geweest en hebben we de basisgegevens verzameld: geboortedatum, geboorteplaats, beroep, verblijf in Spanje, nationaliteit al dan niet verloren, familiegegevens, gewonden en gesneuvelden. Er zijn nog wat namen die we nog niet kunnen plaatsen maar die toch hoogstwaarschijnlijk ook van mensen zijn die in Spanje waren.

Tegen de tijd dat de site online gaat, hopen we via publiciteit ook over die mensen toch wat meer te weten te komen. Fotomateriaal is nog erg schaars, we zijn vooral op zoek naar portretfotootjes uit de jaren ’36-’39 en daar zijn er niet veel van.

Naast deze basisgegevens zijn er nu ongeveer 50 korte levensbeschrijvingen. Ook voor het schrijven van deze beknopte biografieën hebben we inmiddels nieuwe vrijwilligers gevonden; een aantal daarvan heeft zich spontaan aangeboden, waar we uiteraard heel gelukkig mee zijn. Het is ook een duidelijk teken dat het project enige bekendheid begint te krijgen. Een aantal ‘biografietjes’ zal pas klaar zijn tegen het eind van het jaar en andere mogelijk pas volgend jaar maar we hebben besloten daar niet op te wachten en in de herfst ‘online’ te gaan. Een definitieve datum moet nog nader afgesproken worden met het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. Een indruk van hoe de website er uit zal gaan zien, is te bekijken in het filmpje dat de Catalaanse tv maakte ( zie https://vimeo.com/133029399).

Ook als we al online zijn, gaat de aanvoer van nieuwe informatie gewoon door. We krijgen regelmatig uit allerlei verschillende bronnen nog nieuwe namen binnen en we hopen door middel van publiciteit in de media nog verre familieleden en vrienden/kennissen te bereiken die ons meer kunnen vertellen. In de loop van dit jaar is in ieder geval duidelijk geworden dat er nog heel wat verhalen te vertellen zijn – en we blijven ze verzamelen.

Yvonne Scholten

Interview op de Catalaanse televisie

Yvonne Scholten van het project Digitaal Platform Spanjestrijders en Gien Klatser van de Stichting Spanje 1936 – 1939 zijn beide geïnterviewd door de Catalaanse Televisie (TV3).

Dit heeft geresulteerd in een korte reportage.

De uitzending is ook te zien op de website van TV3 en op Vimeo.

TV3Reportage

Herdenking Spaanse Burgeroorlog 2015

Tekst uitgesproken door Yvonne Scholten op herdenkingsbijeenkomst Spaanse Burgeroorlog 21 Mei 2015

Vrijheid daar strijd je voor – is het motto gekozen voor deze bijeenkomst – en ik heb daar lang over na moeten denken. Vrijheid daar strijd je voor – maar dat geldt in Nederland maar voor een heel klein aantal mensen – misschien voor de asielzoekers die in beklagenswaardige hokken worden opgesloten en die wanhopig proberen nog iets van hun leven te maken.

Waarom herdenken we – ook dat is natuurlijk een vraag die we ons dezer dagen voortdurend gesteld hebben. We herdenken de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog en we kibbelen over de vraag wie er wel en wie er nu niet herdacht moet worden. Mogen er Duitsers herdacht worden? Besteden we niet veel te veel aandacht aan de Tweede Wereldoorlog en veel te weinig aan al die slaven die wij als slavendrijvende natie van Afrika naar Suriname vervoerd hebben, of aan de ontelbare slachtoffers van ons koloniaal bewind in Indonesië – voorheen Nederlands- Indie?

Het zijn lastige vragen – en er zou heel wat meer tijd voor nodig zijn dan de 10 minuten die mij gevraagd zijn hier te spreken – om er ook maar een begin van een antwoord op te vinden. Soms lijkt de geschiedenis me een grabbelton of een snoepwinkel: we staan er voor en we zoeken uit wat ons het lekkerste lijkt, wat het meest in onze kraam te pas komt.

In dit zaaltje zitten mensen met een totaal verschillende achtergrond: aan de ene kant de familieleden en vrienden van de mannen en vrouwen die in de Spaanse Burgeroorlog vochten – aan de andere kant jonge mensen van het Bredero College. Ooit, jaren geleden besloot dat college het monument voor de spanjegangers te adopteren maar wat betekent dat monument nu nog voor de jonge mensen die nu hun schooltijd doorbrengen hier op het het Bredero college? Ik zou ze die vraag wel eens willen stellen – en misschien doet de gelegenheid zich ooit ook wel voor.

Wie herdenken we allemaal? Voor jullie hier op de eerste rijen, familieleden en vrienden, zijn dat de jongens en meisjes die al in 1937 – sommigen zelfs al in 1936 -besloten om naar Spanje te gaan. Even een paar jaar geschiedenisles in een notendop: in Spanje was in het voorjaar van ‘36 een linkse regering aan de macht gekomen, een regering die zich sterk maakte voor landhervormingen in een land waar zo’n 80 % van de grond nog in handen was van feodale grootgrondbezitters, een regering die zich sterk maakte voor onderwijs voor iedereen – in een land waar de oppermachtige en ultraconservatieve katholieke kerk het op onderwijs gebied nog grotendeels voor het zeggen had – een regering die arbeiders en doodarme landbouwers een minimale levenszekerheid wou geven – kortom een regering waarvan je als mens met een beetje gezond verstand zou denken: prima, laat dat vooral gebeuren. Maar die regering bedreigde de macht van de gevestigde orde, van de kerk, van de generaals van het leger, van de grootgrondbezitters en de grootindustrielen – en dus besloten de generaals dat er zo snel mogelijk een eind aan moest komen. En dus pleegden ze een militaire coup – maar ze hadden niet gerekend op het massale verzet van de bevolking dat er op volgde. Duizenden jonge mensen in Barcelona en Madrid en in talloze ander kleinere en grotere steden gingen de straat op, bestormden de kazerne s en de politie posten, veroverden wapens – en gingen vervolgens naar het front om tegen de huurlegers van de generaals te vechten. Huurlegers waarin overigens Marokkaanse soldaten een belangrijke rol speelden – een ander uiterst delicaat onderwerp waar nog steeds te weinig aandacht aan wordt besteed en waar we mogelijk in de toekomst nog eens op terug komen. Vervolgens gebeurde iets wat in de geschiedenis tot dan toe uniek was: uit alle delen van de wereld snelden jonge mensen naar Spanje om te helpen die Spaanse Republiek te verdedigen tegen de coup van de generaals – en dat gebeurde in een tijd waarin Spanje voor bijvoorbeeld Nederlanders minstens zo ver weg was als voor jonge mensen van nu China – en misschien nog wel veel verder weg, Het was lang voor de tijd van de moderne communicatie, lang voor de tijd van globalisering, en snelle reizen en backpackers die over de wereld trekken – Spanje was toen een exotisch land. Een klein voorbeeld uit een brie f van de Nederlandse spanjestrijder Willem van Veen aan zijn broer Joop: 7 november 1937

“Jopie, we hebben ons naar gelachen om die brief van jou. Je vroeg of we hier Spaanse wijn drinken en Spaanse pepers eten. We drinken hier spaanse wijn want er is hier meer wijn dan water . En ik was me hier ’s morgens met eau de cologne omdat er geen water is.”

Het gebrek aan water speelde een ongelooflijk grote rol in de zomer van 1937 – het was bloed – en bloedheet op de spaanse hoogvlakten en er was inderdaad nergens een druppel water te bekennen –

Wat die jongens en een paar meisjes – dreef om naar Spanje te gaan? De mensen die hier op de voorste rijen zitten zijn de nabestaanden van de Spanjegangers en voor hun is het antwoord duidelijk – er moest inderdaad voor de vrijheid worden gevochten. Het was 1936 – 1937- 1938 – een paar jaar maar voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, In Italië heerste al jarenlang een potsierlijke dictator, Benito Mussolini genaamd – in Duitsland was in 1933 de overtreffende trap van een dictator aan de macht gekomen: Adolf Hitler – overigens was die via democratische verkiezingen aan de macht gekomen en ook dat is iets waar we af en toe eens goed over na zouden moeten denken. In Nederland was een heel kleine groep mensen zich bewust van het gevaar dat dreigde – het was echt maar een heel kleine groep, het merendeel van de mensen deed toch liever of zijn neus bloedde – en vanuit die groep zijn tussen de 700 en 800 mensen naar Spanje gegaan om daar de vrijheid te verdedigen. Dat is ze niet in dank afgenomen: bij terugkeer raakten ze hun paspoort, hun nationaliteit kwijt, ze waren stateloos, mochten niet meer stemmen, erger nog: ze kwamen op een lijst van subversieve elementen die vervolgens weer in handen is gevallen van de bezettende Duitsers en die velen die Spanje overleefd hadden alsnog de kop heeft gekost. Na de oorlog hadden ze niet alleen het probleem dat ze geen papieren hadden maar ze werden ook nog steeds als verdachte elementen gezien: het waren merendeels overtuigde communisten en in de tijd van de ‘Koude Oorlog’ had je daar een levensgroot probleem mee. . Velen konden geen werk krijgen, ook hun familieleden werden in de gaten gehouden. Uit mijn persoonlijke geschiedenis weet ik nog dat toen ons gezin in 1953 verhuisde onze nieuwe buren van de BVD te horen kregen dat ze communisten naast zich kregen, doodeng natuurlijk.

Een en ander heeft er toe geleid dat de Spanjestrijders in ons land nauwelijks enige erkenning hebben gekregen. Ik denk – en gelukkig zijn er nog heel wat andere mensen die daar ook zo over denken – dat daar eindelijk eens verandering in moet komen, dat het tijd is om de geschiedenis van de Spanjegangers te schrijven. Strak spreekt Jaap-Jan Flinterman over ‘ de oorlog begon in spanje’ – het eerste boek waarin aan die geschiedenis aandacht werd besteed. Dat boek is van 1986 – het is nu 2015, bijna dertig jaar later.

Vanmiddag op het symposium zal ik iets meer vertellen over inhoud en vorm van het digitaal platform waar aan gewerkt wordt. Nu wil ik heel graag eindigen met een klein citaat uit een document dat ik onlangs in handen kreeg. Het zijn een paar velletjes papier, geschreven door Arie Verweij, rotterdamse havenarbeider en Spanjestrijder – hij schreef deze woorden in het jaar van zijn dood, aan wie hij ze schreef hebben zijn zonen niet weten te achterhalen:

“Wij hebben het onze gedaan en we hebben het een en ander bereikt. Wat ons betreft: we zijn tevreden maar voor velen is de weg nog lang, de weg naar een maatschappij waarin uitbuiting van de ene mens door de andere onmogelijk wordt. De hongerigen spijzen en de dorstigen laven – men vindt het allemaal terug in bijbels, korans, thora’s en dergelijke – er was nog geen anarchist, socialist, communist op de aarde te bekennen toen deze richtlijnen al bestonden.”

Om te zorgen dat dit soort documenten bewaard blijven en de verhalen verteld worden van mensen – vaak mensen van heel eenvoudige komaf – die durfden te vechten voor vrijheid, maar ook voor gelijkheid en broederschap , voor universele waarden – daar ligt voor mij bovenal de betekenis van deze herdenking en van het project waaraan wij werken: pogen zoveel mogelijk namen en levensverhalen van de Spanjestrijders te achterhalen.

 

 

 

 

 

Bart van der Schelling

BartvdSchellingomslagOnlangs kwam er een biografie uit van de Spanjestrijder Bart van der Schelling. Het boek, geschreven door Yvonne Scholten, is een uitgave van uitgeversmaatschappij Ad. Donker uit Rotterdam.

Bart van der Schelling werd in 1892 geboren in een groot, arm gezin. Van de vermoedelijk zeventien kinderen bleven er negen in leven. Bart werkte na de Lagere School als leerling in de Leerdamse glasindustrie en later in het abattoir in de Rotterdamse Boezemstraat waar de familie naar toe was verhuisd. In 1926 emigreerde hij naar de Verenigde Staten, met achterlating van zijn vrouw en twee jonge kinderen. Hij vond er werk als professioneel zanger, trad op in musicals op Broadway en na de crisis van 1929 vond hij werk via het Federal Arts Project, een van de initiatieven onder Roosevelt’s New Deal. In die politiek geëngageerde omgeving rijpt zijn besluit om in 1937 naar Spanje te gaan. Hij maakt in februari 1937 de oversteek met een groep Amerikaanse jongens die zich voordeden als studenten. In maart of april ’37 maakt hij de clandestiene oversteek te voet over de Pyreneeën en via Figueras en Barcelona komt hij in Albacete, het hoofdkwartier van de Internationale Brigades, waar hij zijn eerste training krijgt in het dorpje Madrigueras. Hij wordt ingedeeld bij de Amerikaanse Abraham Lincoln Brigade en ingezet bij de beruchte slag om Brunete, in juli 1937, in de bloedhitte. Van der Schelling raakt er ernstig gewond, hij heeft verscheidene schotwonden in zijn benen. Hij komt terecht in een revalidatiecentrum in Valdeganga, niet ver van Albacete. Hij is te zwaar gewond voor het front en biedt zijn diensten aan als tolk maar een paar maanden later is het in de buurt van Teruel weer raak. Bij een bombardement wordt de vrachtwagen waar hij in zit geraakt en komt hij pas dagen later weer bij in het ziekenhuis van Benicassim, honderden kilometers naar het noorden. Hij heeft een zware beschadiging aan zijn nek en wordt in de zomer van 1938 geëvacueerd naar Parijs. Van daar gaat hij als verstekeling terug naar de Verenigde Staten. In de oorlogsjaren is hij actief met de groep ‘Verboten’; ze brengen antifascistische liederen en liederen van en over de Spaanse Burgeroorlog. Hij treedt op met mensen als

Woody Guthrie en Pete Seeger. In 1944 verhuist hij van het te koude New York naar het warme Los Angeles op aanraden van dr. Edward Barsky, in Spanje arts voor de Internationale Brigaden en terug in de VS de vertrouwensarts van veel Spanje veteranen. Van der Schelling draagt nog jarenlang een zware brace om zijn nek door de in Spanje opgelopen verwonding. Eind jaren ’40 blijken hij en zijn Amerikaanse echtgenote in de gaten te worden gehouden door de FBI, zoals zoveel Spanje veteranen die in FBI dossiers worden omschreven als ‘premature antifascists’; ze nemen de wijk naar Mexico. Van der Schelling begint er een carrière als naïef schilder die succesvol verloopt. In 1964 komt hij voor het eerst terug in Nederland voor een tentoonstelling in Schiedam. De laatste jaren van zijn leven slijt hij opnieuw in Los Angeles waar hij op 78-jarige leeftijd overlijdt.

En voor wie zijn stem wil horen: De zingende Hollander